§ 05 · De taal · Spelling

Spelling en Groene Boekje.

De Nederlandse spelling wordt sinds 1804 van overheidswege voorgeschreven en sinds 1980 in verdrag beheerd door de Nederlandse Taalunie. Dit is de lijn van Siegenbeek tot Woordenlijst.org, en een overzicht van de belangrijkste regels die vandaag gelden.

Hervormingen van 1804 tot nu

De Nederlandse spelling is in tweehonderd jaar zes keer officieel aangepast. Een overzicht, met het jaar waarin de regeling ingang vond en de figuren die eraan verbonden zijn.

JaarHervormingToelichting
1804Spelling-SiegenbeekEerste officiële spelling van de Bataafse Republiek, door Matthijs Siegenbeek.
1864Spelling-De Vries & Te WinkelCompromis tussen etymologie en uitspraak; basis voor het WNT.
1934Spelling-MarchantMinister Marchant schrapt -sch in Nederlandsche en vereenvoudigt naamvalsvormen.
1954Eerste Woordenlijst (Groene Boekje)Eerste gezamenlijke Nederlands-Belgische woordenlijst.
1995Herziening tussen-nSystematisering van samenstellingen: pannenkoek krijgt een -n-.
2005Herziening-2Aanpassingen bij Engelse leenwoorden en enkele losse reparaties.

Elke ronde riep debat op. De hervorming van 1995 veroorzaakte een pers-polemiek die in het protest-initiatief Witte Spelling uitmondde (zie verderop). Een volgende herziening is door de Taalunie aangekondigd voor 2035, zie de nieuwsindex voor het officiële traject.

De vier kernprincipes

De huidige Nederlandse spelling rust op vier principes, in de volgorde waarin ze bij twijfel worden toegepast:

1. Etymologie
De schrijfwijze volgt, waar mogelijk, de historische herkomst van een woord. Oud wordt met een -d gespeld omdat het oorspronkelijk zo klonk, niet omdat je het vandaag hoort.
2. Standaarduitspraak
Spelling is in principe fonologisch: een woord wordt geschreven zoals het klinkt in zorgvuldige standaarduitspraak. Kat, hand, tafel, bloem volgen gewoon de uitspraak.
3. Gelijkvormigheid
Verwante woordvormen worden zoveel mogelijk consistent gespeld, ook als de klank verandert. Hond krijgt een -d omdat het meervoud honden is; ik heb wordt met een -b geschreven omdat het voltooid deelwoord gehad een -d krijgt via hebben.
4. Analogie
Bij nieuwe vormen wordt gekeken naar bestaande reeksen. Woorden uit vreemde talen worden zo veel mogelijk in de Nederlandse reeks ingepast — of juist niet, als dat tot onleesbaarheid leidt.

Belangrijkste regels

De tussen-n

Bij samenstellingen waarvan het eerste lid een zelfstandig naamwoord is met een meervoud op -en, wordt een tussen-n geschreven: pannenkoek, ruggengraat, zottenklap, zielenvreugd. Uitzonderingen: woorden die naar een unieke zaak verwijzen (Zonnestraal, Maneschijn), vaste plantennamen (paardebloem), en enkele andere gevallen. Deze regel is het zichtbaarste spoor van de hervorming van 1995.

De tussen-s

Bij samenstellingen wordt een tussen-s geschreven wanneer die in de standaarduitspraak te horen is: stationsweg, levensmoe, oorlogsjaren. Laat de standaarduitspraak geen -s horen, dan wordt er ook geen geschreven.

Apostrof

De apostrof wordt gebruikt in drie gevallen: voor een -s die achter een woord op -a, -i, -o, -u of -y hoort te komen (opa's, baby's), bij verkortingen ('n, 't, 's ochtends), en bij jaartal-afkortingen (in de jaren '30).

Trema en koppelteken

Een trema wordt gezet op een klinker die anders tot een tweeklank zou worden gelezen: geënt, reëel, geëxalteerd. In samenstellingen wordt in plaats daarvan een koppelteken gebruikt: zee-eend, auto-ongeluk, na-apen. Bij samenstellingen met getallen of afkortingen is een koppelteken verplicht: 21e-eeuws, A4-formaat.

Hoofdletters

Hoofdletters worden gebruikt voor eigennamen, voor aardrijkskundige namen, voor feestdagen (Pasen, Kerstmis), en voor afleidingen daarvan (Parijzenaar, Bourgondisch). Talennamen krijgen een hoofdletter (Nederlands, Fries, Engels); religies-als-ideologieën niet (christendom, boeddhisme, jodendom), behalve de aanduiding voor het geloofssysteem-als-ingestantie (het Christendom van de vierde eeuw in sommige conventies).

Afkortingen en initialen

Afkortingen worden met of zonder punten geschreven volgens de Woordenlijst. Initialismen die als woord worden uitgesproken (NATO, laser) worden in hoofdletters geschreven zolang ze formeel een afkorting zijn en kleine letter krijgen zodra ze als gewoon woord ingeburgerd zijn (laser).

Groen versus Wit

Het Groene Boekje is de officiële Woordenlijst Nederlandse Taal, uitgegeven in opdracht van de Nederlandse Taalunie. Het is de spelling die in Nederland, Vlaanderen en Suriname geldt voor overheid en onderwijs; ook de meeste uitgeverijen en kranten volgen haar.

De Witte Spelling is een protest-uitgave uit 2006, opgezet door een groep Nederlandse schrijvers, journalisten en taalkundigen onder leiding van Onze Taal en het Genootschap Onze Taal. Ze verzet zich tegen wat zij als inconsistenties in de Groene Spelling beschouwen — vooral de tussen-n-regel — en stelt een alternatief voor. Een aantal grote dagbladen (NRC, De Morgen enkele jaren lang) hebben de Witte Spelling tijdelijk gevolgd; inmiddels is de onderscheiding vooral historisch en zijn de meeste Witte voorstellen weer dichter naar de Groene norm gegroeid. In het onderwijs speelt de Witte Spelling geen rol.

Woordenlijst.org

Sinds 2005 is het Groene Boekje ook als digitaal naslagwerk beschikbaar, via woordenlijst.org. De site wordt onderhouden door het Instituut voor de Nederlandse Taal in opdracht van de Taalunie; aanvullingen komen er tussentijds in, waardoor Woordenlijst.org in feite actueler is dan de papieren uitgave die om de tien jaar verschijnt. Naast de spellingvorm bevat elke ingang werkwoordsvormen, meervoudsvormen en, waar relevant, woordsoort en geslacht. Zie verder de Taaluniepagina.

Voor twijfelgevallen is daarnaast Taaladvies.net beschikbaar — een gezamenlijk platform van de Taalunie, Onze Taal en het Instituut voor de Nederlandse Taal, met duizenden beantwoorde vragen. Voor historische lexicografische informatie verwijzen we naar de etymologiebank.nl, verbonden aan de etymologische pagina.

Volgende herziening (2035)

In december 2025 heeft het Comité van Ministers van de Nederlandse Taalunie aangekondigd dat een volgende spellingherziening voor 2035 op de agenda staat. Het is de eerste grote ronde in dertig jaar. Knelpunten die nu worden besproken: de behandeling van Engelse leenwoorden (editen, scrollen, deleten), de tussen-n-regel (opnieuw), en de integratie van Surinaams-Nederlandse spellinggewoonten sinds Suriname in 2023 volwaardig geassocieerd lid is geworden. De Raad voor de Nederlandse Taal en Letteren bereidt het advies voor; een openbare consultatie staat gepland voor 2028. Zie ook de berichtgeving op de nieuwsindex.