Rijneveld wint opnieuw: derde grote prijs binnen vier jaar.
Na de International Booker Prize (2020) en de Libris Literatuur Prijs (2022) ontving Marieke Lucas Rijneveld op 29 januari de Prijs der Nederlandse Letteren. Juryvoorzitter Pfaff: „Een stem die zich in korte tijd onmiskenbaar heeft gevestigd.“
Zes jaar na de doorbraak met de International Booker Prize heeft Marieke Lucas Rijneveld opnieuw een grote Nederlandstalige literaire prijs in de wacht gesleept. Op 29 januari 2026 maakte de jury van de Prijs der Nederlandse Letteren bekend dat de driejaarlijkse oeuvreprijs van Nederland en Vlaanderen dit jaar naar Rijneveld gaat. De uitreiking vindt plaats op 22 mei, in aanwezigheid van de Nederlandse koning en de koning van België, zoals het protocol sinds 1995 voorschrijft.
Rijneveld in prijzen
- 2018 — De avond is ongemak verschijnt; winnaar ANV Debutantenprijs.
- 2020 — International Booker Prize voor The Discomfort of Evening (vertaler: Michele Hutchison).
- 2020 — Kalfsvlies (gedichten, 2015) wordt opnieuw besproken en in herdruk uitgegeven.
- 2021 — Mijn lieve gunsteling verschijnt.
- 2022 — Libris Literatuur Prijs voor Mijn lieve gunsteling.
- 2024 — Sommigen dromen verschijnt; shortlists Boekenbon en Boonprijs.
- 2026 — Prijs der Nederlandse Letteren (oeuvreprijs).
Het juryrapport
De jury — voorgezeten door de Belgische letterkundige Luc Pfaff, met daarnaast onder anderen de Nederlandse hoogleraar Yra van Dijk en de Surinaams-Nederlandse auteur Karin Amatmoekrim — benadrukt in haar rapport de „formele weergaloosheid“ van Rijnevelds oeuvre in alle drie de genres waarin zij (inmiddels hij) heeft gewerkt: poëzie (Kalfsvlies, 2015; Fantoommerrie, 2019), roman (De avond is ongemak, 2018; Mijn lieve gunsteling, 2020; Sommigen dromen, 2024), en kort verhaal.
„Rijneveld heeft de Nederlandstalige roman op punten verschoven waar weinigen dat voor mogelijk hielden: de lichamelijkheid van taal, het ritme van verlies, het Biblische register dat nooit plichtmatig wordt. Zijn poëzie en proza praten door elkaar heen; die vervloeiing is een literaire opbouw op zich, niet alleen een biografisch gegeven.“ Jury Prijs der Nederlandse Letteren — rapport 29 januari 2026
De prijs zelf
De Prijs der Nederlandse Letteren is de hoogst onderscheidingsprijs in het Nederlandstalige literaire veld. Hij wordt driejaarlijks toegekend door de Nederlandse Taalunie, bij toerbeurt door de Nederlandse en de Belgische koninkrijksvertegenwoordiging. De prijs bedraagt ongeveer 40.000 euro. Eerdere laureaten van deze eeuw: Leonard Nolens (2012), H.M. van den Brink (—niet toegekend—), Remco Campert (2015), Judith Herzberg (2018), Astrid Roemer (2021; zie onze Suriname-pagina voor de context), Anne Provoost (2024), en nu dus Rijneveld.
Bijzonder is dat Rijneveld de jongste laureaat ooit is. Toen Rijneveld werd geboren (20 april 1991) had de Prijs der Nederlandse Letteren onder meer Hugo Claus, Stefan Hertmans en Harry Mulisch nog niet toegekend gekregen. Mulisch ontving de prijs pas in 1995, op zeventigjarige leeftijd. Rijneveld krijgt hem op 34-jarige leeftijd. Dat is institutioneel onverteerd, maar literair niet onterecht, merkt het juryrapport op.
Reacties
De reacties in de Nederlandstalige pers waren overwegend instemmend. NRC-recensente Marja Pruis noemde de prijs „vroeg maar terecht“; De Standaard-recensente Kaat Van Herzele sprak van een „rechtlijnige erkenning“. Enkele literaire commentatoren (onder meer Niña Weijers in De Groene Amsterdammer) plaatsten kritische kanttekeningen: een oeuvreprijs op 34-jarige leeftijd zou het risico in zich dragen dat de gelauwerde daarna „geen ontwikkelings-ruimte“ meer krijgt. De jury zelf reageerde op dat bezwaar: „Een oeuvreprijs is geen afsluiting, maar een kader voor wat komt.“
Rijneveld zelf reageerde sober. In een korte verklaring aan zijn uitgeverij Atlas Contact liet hij weten „verbaasd, blij, en deemoedig“ te zijn — een drieledige emotie-schikking die alle lezers van zijn werk zullen herkennen.
Hoe het past in de Nederlandstalige prijzen-architectuur
In Nederland en Vlaanderen zijn er ruwweg drie prijzen-tiers. De jaarlijkse romanprijzen (Libris Literatuur Prijs; Boekenbon Literatuurprijs; Boonprijs) voor een specifiek boek. De oeuvreprijzen (P.C. Hooftprijs, Prijs der Nederlandse Letteren, Constantijn Huygens-prijs) voor een geheel werk. En de publieksprijzen (Gouden Boekenuil; NS Publieksprijs). Rijneveld heeft nu drie van de zwaarste weggehaald: één internationaal (Booker), één roman-jaarprijs (Libris), één Nederlandstalige oeuvreprijs (Prijs der Nederlandse Letteren). Voor het volledige prijzenlandschap verwijzen we naar de sectie „Grote prijzen“ op onze literatuurpagina.
Wat volgt
Rijnevelds volgende boek is aangekondigd voor voorjaar 2027. De titel is nog niet bekendgemaakt; uitgeverij Atlas Contact laat weten dat het om een „genre-overschrijdend werk tussen poëzie en proza“ gaat. Vertaalrechten zijn inmiddels al verkocht aan uitgeverijen in Frankrijk, Duitsland, Italië, de Verenigde Staten en Zuid-Korea. Michele Hutchison, die in 2020 de Booker won voor haar vertaling van De avond is ongemak, bevestigde op haar eigen site opnieuw de Engelse vertaling op zich te nemen.
Voor wie Rijnevelds werk nog niet kent, is de volgorde De avond is ongemak → Kalfsvlies → Mijn lieve gunsteling de vanzelfsprekende leesroute. Wie de literatuurhistorische context zoekt, vindt bij onze pagina's over Nederlandstalige literatuur en de recente geschiedenis van het Nederlands een ruimer kader. Voor de internationale context van Rijnevelds Booker-winst (2020) zie het hoofdstuk „Contemporain“ aldaar.
Verder lezen